| • De oudste coureur |
| Louis Chiron was 55 jaar, 9 maand en 19 dagen toen hij 6de werd in de GP van Monaco in 1955. |
|
| • De jongste coureur |
| Jaime Alguersuari was 19 jaar 4 maanden en 3 dagen oud toen hij zijn F1-carrière begon tijdens de Grand Prix van Hongarije in 2009. |
|
| • De oudste pole-sitter |
| Nino Farina behaalde nog een pole position toen hij 43 jaar, 6 maand en 15 dagen oud was. |
|
| • De jongste pole-sitter |
| Sebastian Vettel behaalde in 2008 zijn eerste pole position. Hij was toen 21 jaar, 2 maand en 10 dagen oud. |
|
| • De jongste puntenwinnaar |
| Sebastian Vettel was 19 jaar en 349 dagen toen hij z'n eerste punten pakte in de GP van de Verenigde Staten in 2007. |
|
| • De oudste winnaar |
| In 1951 won Luigi Fagioli de GP van Frankrijk op 53 jarige leeftijd. |
|
| • De jongste winnaar |
| Sebastian Vettel won in 2008 in Italië zijn eerste race. Hij was toen 21 jaar, 2 maand en 11 dagen oud. |
|
| • De oudste wereldkampioen |
| Juan Manuel Fangio werd nog wereldkampioen op 46 jaar. |
|
| • De jongste wereldkampioen |
| Sebastian Vettel werd in 2010 de jongste wereldkampioen met zijn 23 jaar. |
|
| • Het grootste startveld |
| Bij de GP van Duitsland in 1953 stonden er maar liefst 34 auto's op de grid. |
|
| • Het kleinste startveld |
| Er stonden slechts 6 auto's op de grid bij de GP van de Verenigde Staten in 2005. |
|
| • De langste race |
| De GP van Duitsland van 1954 duurde 3u 45m 45.800s |
|
| • De kortste race |
| De GP van Australië in 1991 werd door zware regenval al na 24 minuten en 35 seconden beëindigd. |
|
| • De eerste vrouwelijke coureur |
| Maria-Teresa de Filippis was de eerste vrouw in het WK Formule 1. |
|
| • De enige score van een vrouw |
| Lella Lombardi werd in 1975 zesde in de GP van Spanje en behaalde zo een half WK-punt. |
|
| • De meeste wereldtitels |
| Michael Schumacher heeft in zijn carrière zeven F1-wereldtitels behaald. |
|
| • De meeste pole-positions in 1 seizoen |
| Nigel Mansell behaalde in 1992 14 poles in 16 races. |
|
| • De meeste opeenvolgende pole-positions |
| Alain Prost haalde in 1993 7 maal na elkaar de eerste startplaats. |
|
| • De meeste uitvallers in een race |
| Bij de GP van Zuid-Afrika in 1993 haalden 21 coureurs de finish niet. |
|
| • De minste uitvallers in een race |
| Bij de GP van Nederland in 1961 gaf geen enkele rijder op. |
|
| • De meeste uitvallers in de eerste ronde |
| Bij de GP van Duitsland in 1994 vielen er door een enorme botsing 11 bolides uit. |
|
| • De meeste wisselingen aan kop |
| Tijdens de GP van Italië in 1965 werden 41 leiderswissels geteld |
|
| • Het vaakst aan kop |
| Jackie Stewart kwam op kop in alle 11 de races in 1969. |
|
| • De grootste voorsprong in een race |
| Jackie Stewart won de GP van Spanje in 1969 met 2 ronden voorsprong op de tweede, Bruce McLaren. |
|
| • De kleinste voorsprong in een race |
| Bij de GP van Italië in 1971 eindigde Ronnie Peterson op nauwelijks 0.010s van winaar Peter Gethin. |
|
| • De meeste finishes net buiten de punten |
| Johnny Herbert eindigde in zijn carrière 17 keer op de zevende plaats! |
|
| • Het kleinste aantal finishers |
| In de GP van Monaco 1996 haalden slechts 4 rijders het einde. |
|
| • De meeste triples (pole, overwinning en snelste ronde) |
| Michael Schumacher is hier maar liefst 15 keer in geslaagd. |
|
| • De meeste WK-punten in 1 seizoen |
| Michael Schumacher behaalde in zijn recordjaar 2004 maar liefst 148 punten. |
|
| • De meeste zeges voor een team in 1 seizoen |
| In 1988 won McLaren 15 van de 16 races. Ook Ferrari won in 2004 15 races, maar dan op een totaal van 18 Grand Prix'. |
|
| • De meeste Grand Prix' in 1 land |
| In 1982 werder er 3 races verreden in de USA, met name Long Beach, Detroit en Las Vegas. |
|
| • Het meeste niet gekwalificeerd |
| Gabriele Tarquini, kon zich maar liefst 40 keer niet kwalificeren! |
|
| • De meeste diskwalificaties |
| Stefan Bellof werd in zijn F1-carrière 11 keer gediskwalificeerd. |
|
| • De meeste opeenvolgende zeges in dezelfde race |
| Ayrton Senna won de GP van Monaco 5 keer op rij (1989 - 1993) |
|
| • De meeste zeges in 1 seizoen |
| Michael Schumacher won in 2004 13 races. |
|
| • De meeste zeges voor een debutant |
| Jacques Villeneuve en Lewis Hamilton behaalden in hun debuutseizoenen, respectievelijk 1996 en 2007, elk 4 overwinningen. |
|
| • De wereldkampioen met de meeste zeges |
| In 2004 werd Michael Schumacher wereldkampioen met 13 gewonnen races |
|
| • De wereldkampioen met de minste zeges |
| In 1982 werd Keke Rosberg wereldkampioen terwijl hij maar 1 van de 16 races gewonnen had. |
|
| • De wereldkampioen met de grootste voorsprong |
| Michael Schumacher werd in 2002 wereldkampioen met 67 punten voorsprong op zijn teamgenoot Rubens Barrichello, die tweede werd. |
|
| • De wereldkampioen met de kleinste voorsprong |
| In 1984 versloeg Niki Lauda met een half punt zijn teamgenoot bij McLaren, Alain Prost. |
|
| • De snelste kwalificatie |
| Rubens Barrichello reed de snelste ronde ooit in een kwalificatie. In 2004 legde hij 1 rondje op Monza af met een gemiddelde snelheid van 260,396 km/u. |
|
| • De snelste race |
| Michael Schumacher won de GP van Italië in 2003 met een gemiddelde snelheid van 247,585 km/h. |
|
| • Het minst aantal ronden in een race |
| De GP van Duitsland in 1971 op de Nürburgring telde 12 ronden (van 22.835m elk). |
|
| • De race met de vroegste begindatum |
| Zowel in 1965 als in 1968 begon het F1-seizoen op 1 januari met de GP van Zuid-Afrika. |
|
| • De race met de oudste einddatum |
| Het seizoen van 1962 eindigde pas 29 december met de GP van Zuid-Afrika. |
|
| • Meeste coureurs met dezelfde achternamen in 1 race |
| Dennis, Henry, Mike en Trevor Taylor kwamen tegelijk aan de van de GP van Engeland in 1959. Ze waren geen familie van elkaar. |
|
| • De enige race die al voor de start in 2 delen werd opgesplitst |
| Voor de GP van Duitsland in 1959 telde men de tijden van 2 heats bij elkaar op. |
|
| • De meeste dodelijke ongelukken in 1 race |
| Alan Stacey en Chris Bristow vonden de dood tijdens de GP van België in 1960 op Spa-Francorchamps. |
|
| • De eerste vierwielaangedreven Formule 1-auto |
| In de GP van Engeland in 1961 had de Ferguson P99 vierwiel-aandrijving. |
|
| • De eerste met startnummer 0 |
| Jody Scheckter reed in de GP van Frankrijk en Amerika in 1973 met startnummer 0. |
|
| • De eerste herstart |
| De GP van Engeland in 1973 kende de eerste herstart na een accident in de eerste ronde. |
|
| • De eerste keer dat de punten werden gehalveerd |
| Door een ongeluk werd de GP van Spanje in 1975 na 29 ronden gestopt. De eerste 6 kregen de helft van de normale punten. |
|
| • De eerste gediskwalificeerde winnaar |
| James Hunt moest zijn overwinning in de GP van Engeland in 1976 afstaan omdat hij niet zou mogen herstart hebben na een crash in de eerste ronde. |
|
| • De eerste zege van een turbo-motor |
| De turbomotor van Jean-Pierre Jabouille's Renault bezorgde hem de eerste turbo-zege in de GP van Frankrijk in 1979. |
|
| • De laatste keer dat een team drie bolides inzette |
| In de GP van Duitsland in 1985 reden drie Renaults mee (Patrick Tambay, Derek Warwick en Francois Hesnault). |
|
| • De laatste overwinning voor een auto met de motor voorin |
| Bij de GP van Italie in 1960 wint Phil Hill de laatste race in een Ferrari met motor voorin. |
|
| • De enige coureur die in 1 seizoen steeds moest opgeven |
| In 1987 zag Andrea de Cesaris nooit het einde van de 16 races. |
|
| • De enige wereldkampioen met zijn eigen auto |
| Jack Brabham werd in 1966 wereldkampioen in een wagen met zijn naam. |
|
| • Winnen vanaf de slechtste startpositie |
| In de GP van Amerika van 1983, op het circuit van Long Beach, reed John Watson van een 22e plaats op de grid naar de overwinning. |
|
| • Een team en Grand Prix met dezelfde naam |
| Het team Pacific nam in 1994 deel aan de Pacific Grand Prix. |
|
| • De eerste keer broers naast elkaar op de grid |
| Michael en Ralf Schumacher startten in de GP van Brazilie 2001 vanaf plaatsen 1 en 2. |
|
| • De enige wereldkampioen F1 én snelheidsmotor |
| John Surtees is de enige wereldkampioen F1 (1964) die ook kampioen werd op 2 wielen (1956-1958-1959-1960). |
|
| • De langste periode tussen carrière en comeback |
| Bij de Nederlander Jan Lammers zat er 10 jaar en 3 maanden tussen bij zijn twee Formule 1-carrières. |
|
| • Meeste overwinningen van een piloot voor eenzelfde team |
| Michael Schumacher slaagde erin om 72 keer te winnen voor Ferrari. |
|
| • Eerste overwinning voor wagen met motor achterin |
| Stirling Moss haalde met Cooper (R.R.C. Walker Racing Team) in de GP van Argentinie 1958 de eerste overwinning in de F1 met een wagen waar de motor achterin zat. |
|
| • Meeste races als teamgenoten |
| Michael Schumacher en Rubens Barrichello werkten het meeste aantal races af als twee teamgenoten, met name 104 Grand Prix. |
|
|
|
|
|
|